Alle berichten van Design

Cappella Amsterdam

cappellaamsterdam660
Met een rijkdom aan stemkleuren bereikt kamerkoor Cappella Amsterdam zijn specifieke homogene klank. Sinds 1990 staat het koor onder artistieke leiding van chef-dirigent Daniel Reuss. Al vanaf de oprichting in 1970 door Jan Boeke vormt de liefde voor muziek de leidraad voor Cappella Amsterdam. Om elke compositie te laten spreken, heeft het koor zich zowel op moderne als op oude, authentieke zangtechnieken toegelegd. De nadruk in het repertoire ligt op die twee uitersten: oude meesters en moderne muziek. Speciale aandacht schenkt het koor aan werken van Nederlandse componisten, variërend van Sweelinck tot Andriessen en Ton de Leeuw. Componisten als Robert Heppener en Jan van Vlijmen hebben diverse werken speciaal voor Cappella Amsterdam gecomponeerd. Samenwerking Cappella Amsterdam werkt geregeld samen met uiteenlopende gezelschappen, ook uit andere disciplines. Zo levert het koor geregeld bijdragen aan operaproducties, zoals in 2011 met Karlheinz Stockhausens Sonntag aus Licht met de Opera van Keulen, en Dionysos van Wolfgang Rihm tijdens het Holland Festival (2010). Naast samenwerking met Nederlandse topensembles en –orkesten, zoals het Orkest van de Achttiende Eeuw, het Koninklijk Concertgebouworkest en Asko|Schönberg, werkt het koor met de fine fleur van internationale gezelschappen zoals de Akademie für Alte Musik Berlin, het RIAS Kammerchor, musikFabrik, Il Gardellino en het Ests Philharmonisch Kamerkoor.

Om kennis, repertoire en ervaring te delen, is Cappella Amsterdam mede-initiatiefnemer van Tenso, het Europees netwerk van professionele kamerkoren. Cd’s en prijzen Bij harmonia mundi verschijnen jaarlijks cd’s van het kamerkoor. In 2010 verscheen een opname van Golgotha van Frank Martin, in datzelfde jaar genomineerd voor een Grammy. De meest recent verschenen cd, met koorwerken van Leoš Janá?ek (januari 2012), is internationaal zeer goed ontvangen. Cappella Amsterdam ontving in 2009 de VSCD Klassieke Muziekprijs voor meest indrukwekkende prestatie van een klein (kamermuziek)ensemble. In 2010 werd het koor genomineerd voor de Amsterdamprijs voor de Kunst en voor de Edison Klassiek Luister Publieksprijs.

Comité van aanbeveling: Frans Brüggen, Krisztina de Châtel, Reinbert de Leeuw, Gerardjan Rijnders, Ed Spanjaard, Paul Witteman en Rosita Wouda

Fabio Trümpy

Fabio TrumpyDe jonge Zwitserse tenor Fabio Trümpy studeerde zang en Engelse literatuur in Zürich. Hij vervolgde zijn zangopleiding bij Margreet Honig aan het Conservatorium van Amsterdam en voltooide zijn studies aan de Nieuwe Opera Academie met een masterdiploma. Hij was finalist van de Nederlandse Vocalistenpresentatie 2007 en won in hetzelfde jaar de Prix des Amis du Festival d’Art Lyrique voor zijn Mozart-interpretaties tijdens het zomerfestival van Aix-en-Provence. Tot de meest recente engagementen behoren de rol van Ferrando (Cosi fan tutte) met Israel Camerata Jerusalem, de Evangelist in Bach’s Johannes Passie met het Orkest van de 18de Eeuw o.l.v. Frans Brüggen, Haydn’s Paukenmis, met het Nederlands Kamerorkest, een opname van wereldse cantates van Bach met het Kamerkoor van Namur o.l.v. Leonardo García Alarcón, Tamino (Die Zauberflöte) in het Spoleto Festival USA geregisseerd van Moshe Leisher and Patrice Caurier, Le Berger (Oedipus Rex) in een samenwerking van Tonhalle Orchester Zürich and Orchestre de la Suisse Romande o.l.v. Charles Dutoit, Camille (Die lustige Witwe) aan de Opéra National de Lorraine, Aljeja (Uit een Dodenhuis)geregisseerd van Calixto Bieito aan het Theater Basel, Pane (La Calisto) aan het Grand Théâtre de Genève o.l.v. Andreas Stoehr, Iro, in Hans W. Henze’s adaptie van Monteverdi’s Il Ritorno di Ulisse in Patria met het WDR Sinfonieorchester Köln, en Weill’s Berliner Requiemmet het Tonhalle Orchester Zürich o.l.v. David Zinman.

Vanaf het seizoen 2012/13 is Fabio Trümpy lid van het ensemble van het Opernhaus Zürich, waar hij o.a. te horen is als Steuermann (Der Fliegende Holländer) en Ferrando (Cosi fan tutte).

Orkest van de 18e Eeuw

orkest-18e-eeuwSpecialist op het gebied van de 18e-eeuwse muziek. Het Orkest van de 18e Eeuw werd in 1981 door Frans Brüggen opgericht. Het bestaat uit circa vijftig musici uit de gehele wereld, met ongeveer zestien nationaliteiten. De musici zijn allemaal specialist op het gebied van de 18e-eeuwse muziek en spelen op historische instrumenten. Meerdere cd-opnames van het ensemble zijn internationaal bekroond.

Daniel Reuss

daniel-reussDaniel Reuss (1961) studeerde koordirectie aan het conservatorium van Rotterdam bij Barend Schuurman. Op zijn 21e richtte hij het Oude Muziek Koor Arnhem op. In 1990 werd Daniel Reuss artistiek leider van Cappella Amsterdam. Het ensemble heeft zich afgelopen jaren onder zijn artistieke leiding zowel in oude muziek als in het moderne en hedendaagse repertoire in Nederland een prominente positie verworven. Met Cappella Amsterdam bracht hij zeer positief ontvangen CD’s uit, zoals Lux Aeterna (bekroond met de Diapason d’Or 2009), de cd met psalmen van Sweelinck en recentelijk de cd met Janáçek Choral Works, die een Edison ontving.

Van 2003 tot 2006 was hij chef-dirigent van het RIAS Kammerchor in Berlijn. Met dit koor maakte hij een aantal succesvolle CD’s, zoals Le Vin Herbé (Martin), Solomon (Händel) en Les Noces (Stravinsky). De CD’s werden onderscheiden met diverse prijzen, waaronder Preis der Deutsche Schallplattenkritik, Echo Award, Midem Classical Award, Diapason d’Or en Choc du Monde de la Musique.

Van 2008 tot 2013 combineerde Daniel Reuss zijn werkzaamheden als artistiek leider van Cappella Amsterdam met het chef-dirigentschap van het Estonian Philharmonic Chamber Choir. In 2010 verscheen de cd Golgotha (Martin), een gezamenlijke productie van Cappella Amsterdam en het Estonian Philharmonic Chamber Choir. In 2006 was Daniel Reuss, op uitnodiging van Pierre Boulez, te gast op de Lucerne Festival Academy in Zwitserland als docent en dirigent. In februari 2007 maakte Daniel Reuss zijn debuut bij de English National Opera, met Agrippina (Händel).

Daniel Reuss werkt geregeld samen met ensembles en orkesten uit heel Europa, zoals Akademie für Alte Musik Berlin, MusikFabrik, Scharoun Ensemble en de Radio Kamer Filharmonie.

Sophie Klussman

Sophie KlussmanDe Duitse sopraan Sophie Klussman – een leerling van Thomas Quasthoff en Margreet Honig – heeft met haar warme, brede en donker getinte stem zich snel een internationale reputatie verworven als opera- en concertzangeres. In het seizoen 2014-105 heeft zij concerten gegeven en geeft zij concerten in prestigieuze zalen als die van de Berlijnse Philharmonie, de Keulen Philharmonie en de Zürich Tonhalle. Zij zong de rollen van Pamina (Die Zauberflöte), Cherubino (Le nozze di Figaro), Nannetta (Falstaff), Dorinda (Orlando), Wellgunde (Das Rheingold), Waldvogel (Siegfried), Shepherd Boy (Tannhäuser) en de sopraanrol in de Carmina Burana. In de zomer van 2011 zong Sophie Klussman de rol van Pamina in de Katharina Thalbach productie van Die Zauberflöte tijdens de Berlijnse Seefestspiele, en in 2013 verving zij Anna Netrebko als Donna Anna in Baden-Baden. Als concertzangeres zingt ze werken van Mozart, Bach, Beethoven, Brahms en Mahler onder leiding van gerenommeerde dirigenten als Marek Janowski, Ingo Metzmacher, Michael Sanderling, Michael Gielen en Karl-Heinz Steffens, samen met het Deutsches Symphonie-Orchester Berlin, SWR Sinfonieorchester, Berlijn Radio Symfonie Orkest, Konzerthausorchester Berlijn, Potsdamer Kammerakademie, Staatsphilharmonie Rheinland-Pfalz en de Düsseldorfer Symphoniker.

Internationaal trad zij op in tal van grote concertzalen, waaronder die van de Weense Musikverein en de Berlijn Philharmonie, en op festivals als het Praagse Lente Festival, Château de Versailles en het Schleswig Holstein Festival. Op het gebied van historische uitvoeringspraktijk werkte ze samen met verschillende leidende figuren als Marcus Creed, Václav Luks en Martin Haselböck, terwijl in het hedendaags repertoire componisten als Christian Jost en Edwards Rushton speciaal voor haar rollen schreven in opera’s die opgevoerd werden in o.a. de Komische Oper van Berlijn en de Halle Opera, en zij werk van Stockhausen zong met het in Keulen gevestigde Ensemble musikFabrik.

Als het gaat om kamermuziek en zang, heeft ze een bijzondere passie voor muziek uit de late 19e en vroege 20e eeuw. De acteur John Malkovich koos haar voor twee theaterstukken: The Giacomo Variations, waarin zij de vrouwelijke hoofdrol speelde, en The Infernal Comedy. Dit resulteerde in een reeks optredens oppodia over de hele wereld, waaronder het New York City Center, Ann Arbor’s Power Center voor de Podiumkunsten en het Teatro del Bicentenario in León, Mexico.